Wijhe ’92 ontstond in 1992 oorspronkelijk uit een fusie van twee voetbalverenigingen. In 2000 werd daar handbal aan toegevoegd. In 2023 volgde volleybal, toen die vereniging moeite kreeg om bestuurlijke functies ingevuld te krijgen. “De volleybalvereniging stond op het punt te verdwijnen”, vertelt voorzitter Wilco Overweg. “Toen hebben wij aangeboden om hen onder te brengen binnen Wijhe ’92, zodat de sport behouden bleef voor het dorp.” Voordat de verenigingen daadwerkelijk fuseerden, werd gekeken of de culturen en waarden bij elkaar pasten. Daarbij kreeg de club ondersteuning van een verenigingsadviseur.
Daarna kwam er ook nog een wielrentak bij: Wijhe’s Peloton. Het initiatief ontstond spontaan tijdens een dorpsfeest, waar een groep bewoners met elkaar in gesprek raakte over gezamenlijk wielrennen. “Zij hebben vervolgens zelf het bestuur benaderd en zijn kartrekker geworden van het plan”, zegt Overweg. “Na goedkeuring op de algemene ledenvergadering ontwikkelden we met gedeeltelijke subsidie van de gemeente een fietsenstalling, zodat racefietsen na trainingen of toertochten veilig gestald kunnen worden.” Binnen korte tijd groeide de wielertak uit tot ruim 100 leden, verdeeld over 5 snelheidsgroepen.
Meer leden, meer slagkracht
Met ongeveer 650 voetballers, 350 handballers, 100 volleyballers en 100 wielrenners is Wijhe ’92 inmiddels de grootste vereniging van het dorp. “We willen een zo breed mogelijk sportaanbod creëren voor een zo breed mogelijk publiek”, zegt Overweg. “Daarmee dragen we bij aan gezondheid, vitaliteit en sociale verbinding in het dorp.”
Volgens Overweg biedt een grotere vereniging ook praktische voordelen, bijvoorbeeld bij het inzetten van vrijwilligers. “Vrijwilligerstaken zijn steeds lastiger in te vullen”, aldus Overweg. “Mensen zijn druk en pakken liever geen structurele functies op, zoals bestuurswerk of commissietaken. Juist daar biedt een omnivereniging voordelen.
Algemene functies kunnen centraal worden georganiseerd voor meerdere sporten tegelijk. Denk aan bestuur, secretariaat, financiële administratie, communicatie of ledenadministratie. Die vrijwilligers kunnen zich inzetten voor de hele vereniging in plaats van voor één sport. Sporttechnische functies blijven wel grotendeels sportspecifiek. Een trainer, scheidsrechter of jurylid heeft natuurlijk kennis nodig van die specifieke sport.”
Langzaam groeien naar één club
De integratie van meerdere verenigingen vraagt tijd, merkt Overweg. Zeker als het gaat om cultuur en identiteit. “Een vereniging heeft vaak een sterke eigen trots en geschiedenis”, zegt hij. “Het kost tijd voordat mensen over die eigen identiteit heen stappen.” Hetzelfde gold lange tijd voor de financiële integratie. Tot dit jaar hielden de verschillende sporttakken hun administratie grotendeels gescheiden. “De volleybalvereniging bracht eigen vermogen mee en was bang dat dit zou verdwijnen in de grote vereniging”, vertelt Overweg. “Inmiddels zijn daar goede afspraken over gemaakt.”
Steeds meer zaken worden gezamenlijk georganiseerd: van acties om vrijwilligers te werven tot evenementen. “Tradities van een specifieke vereniging, zoals een nieuwjaarsreceptie of oliebollentoernooi, worden verenigingsbrede activiteiten”, vertelt Overweg. Ook de bezetting van de sporthallen is beter te reguleren met meerdere vereniging onder één dak. “De capaciteit van de sporthallen is beperkt. Maar nu handbal en volleybal onderdeel zijn van dezelfde vereniging, komen we daar makkelijker samen uit. Voorheen keek ieder bestuur vooral naar het eigen belang.” Vanaf komend seizoen spelen alle sporters bovendien in hetzelfde tenue. “Dat soort symbolische stappen helpen om meer één vereniging te worden.”
Meer sportaanbod voor jeugd en dorp
De omnivereniging biedt ook kansen voor jeugdleden. Kinderen kunnen gemakkelijker kennismaken met meerdere sporten binnen dezelfde vereniging. “Dat verlaagt de drempel om iets nieuws te proberen”, zegt Overweg. “We zien daardoor een groei in het aantal jeugdleden van 60 tot bijna 200.” Wijhe ’92 werkt met een gedeeld lidmaatschap. Leden betalen een basistarief en een aanvullende bijdrage per sporttak. “Zaalsporten zijn duurder dan veldsporten vanwege de zaalhuur”, legt Overweg uit. “Daar houden we rekening mee.”
Daarnaast kijkt de vereniging voortdurend naar manieren om sport toegankelijker te maken voor inwoners van het dorp. Samen met zwembad De Welters werd bijvoorbeeld een openbaar pannaveld gerealiseerd waar buurtbewoners, scholieren en zwembadbezoekers vrij gebruik van kunnen maken. Ook onderzoekt de vereniging samen met de tennisvereniging de mogelijkheden voor padelbanen op het sportpark.
Samenwerken met de gemeente
De gemeente speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van Wijhe ’92. De vereniging huurt de velden en sporthallen van de gemeente, maar bezit zelf onder meer de kantine, kleedkamers en parkeerplaatsen. “Samen met de gemeente ontwikkelden we een gezamenlijke visie om sport, onderwijs en cultuur meer met elkaar te verbinden”, zegt Overweg. “De gemeente denkt actief mee en ondersteunt met subsidies om de impact in Olst-Wijhe te vergroten.”
Onderdeel van de gezamenlijke visie is de ontwikkeling van Kindcentrum Wijhe, waar peuterwerk, basisscholen en kinderopvang worden samengebracht. Wijhe ’92 leverde één voetbalveld in voor de realisatie van het nieuwe kindcentrum. In ruil daarvoor heeft de gemeente een natuurgrasveld omgebouwd tot kunsgrasveld. “Daardoor kunnen we het veld intensiever gebruiken en kunnen we met een veld minder toe”, zegt Overweg.
Durven samenwerken
Overweg adviseert andere verenigingen om actief de samenwerking op te zoeken. “Ga met elkaar in gesprek en durf over je eigen principes heen te stappen. Fuseren kan spannend zijn, omdat je een deel van je eigen identiteit opgeeft. Maar uiteindelijk levert het vaak veel op. Neem ook de gemeente mee in je plannen. Als je samen optrekt, kun je veel meer impact maken.” Wijhe ’92 speelt inmiddels een centrale rol in het dorp. “Van één op de vier huishoudens in Wijhe is minimaal één persoon lid van onze vereniging”, zegt Overweg trots. “Dat geeft een enorm bereik binnen het dorp.”
Succesfactoren van dit praktijkverhaal
- Centrale organisatie van vrijwilligersfuncties zorgt voor minder bestuurlijke druk
- Fusies worden zorgvuldig voorbereid met aandacht voor cultuur en identiteit
- Gedeelde faciliteiten en gezamenlijke besluitvorming zorgen voor efficiënter gebruik van ruimte en middelen
- Geleidelijke integratie geeft leden tijd om te wennen aan een nieuwe verenigingsstructuur

